wp69729cbd_1b.jpg
  De Bewustzijnsfabriek®

Persoonlijk Leiderschap in organisaties

 


De zieke onderneming

Grote ondernemingen doen weinig anders meer dan andere ondernemingen opkopen. 'Ziekmakend', vindt Rabo-topman Van Dinten dat. In plaats van de klant is de aandeelhouder koning. Een gesprek over zinloze winsten, gek gemaakte bedrijven en het gevaar van het methodisch denken.

De Groene Amsterdammer van 3 juni 1998
door Mirjam de Rijk


'ONGEZOND', noemt hij de winsten die grote bedrijven op het moment maken. 'Ik vind het ziekmakend als bedrijven met zo'n groot kasvolume zitten dat ze eigenlijk niet meer weten wat ze ermee moeten doen, en dus maar andere bedrijven gaan opkopen, in plaats van te komen tot ondernemende initiatieven.'
Wim van Dinten (58) is directeur strategie van de Rabobank. Het was me het weekje wel weer. ABN-Amro heeft een bod gedaan op de Belgische bank De Generale, Philips verkoopt haar muziekbedrijf, twee grote lotto-organisaties fuseren, twee concerns hebben voortaan vrijwel alle supermarkten in handen.
Van Dinten: 'Het gekke is dat de pers applaudisseert voor al die overnames, alsof er een maatschappelijk belang mee gediend is. Het enige wat nog lijkt te tellen, is winst. Om met die winst nog meer winst te kunnen maken. Terwijl ik er nog steeds van uitga dat je als onderneming een doel, een idee hebt. Dat je als bedrijf je betekenis krijgt doordat mensen wat aan je hebben. Maar in plaats van de klant is de aandeelhouder tegenwoordig koning.'
Nee, winst is geen maat voor de tevredenheid van de klant. 'De klant is er bijvoorbeeld niet bepaald mee gediend als een bank, ter vergroting van efficiency en winst, een lokale vestiging sluit.'
Misschien heeft hij makkelijk praten, de Rabobank heeft geen aandeelhouders want is na honderd jaar nog altijd een coöperatieve onderneming, eigendom van zo'n honderd zelfstandige lokale banken. Met een balanstotaal van vierhonderd miljard gulden, 45.000 medewerkers en zes miljoen klanten. Tien jaar geleden werd Van Dinten vrijgesteld om na te denken over hoe je dat eigenlijk doet, een onderneming aansturen op grond van een idee, in plaats van op hiërarchie en winstmaximalisatie. 'Ik was op dat moment directeur automatisering en dat kon ik eenvoudigweg niet langer opbrengen. Het werd me steeds duidelijker dat je met die technologie veel negeert wat mensen van waarde achten.' In zijn nieuwe functie ging hij voor de bank op zoek naar 'een gezonde mix van sociale gedrevenheid en zakelijkheid'.
Van Dinten: 'Ik moet eraan bijdragen dat de groei van het bedrijf gedragen wordt door de mensen die er werken. Bedrijven laten zich gek maken door het idee dat in een globaliserende economie alleen de grootste overleven. Er wordt zoveel flauwekul gedebiteerd. Als er werkelijk sprake zou zijn van een globaliserende economie hadden wij toch veel meer gemerkt van de crisis in Zuidoost-Azië? De Japanse crisis is nu al een jaar of zes bezig en het effect op het Westen is volstrekt afwezig. Die hoogleraren global economy moeten hun portefeuille maar eens inleveren.'

ALS GROTE BEDRIJVEN op de huidige weg voortgaan, zo waarschuwt Van Dinten, verliezen ze hun legitimiteit in de samenleving. 'Het verband tussen winst en werkgelegenheid gaat bij grote bedrijven steeds minder op.

Grote bedrijven nemen steeds meer het Angelsaksische adagium over dat je de winst gebruikt om aan de aandeelhouders uit te keren. En door aan managers optieregelingen te geven plaats je de managers in het kamp van de aandeelhouder. Onder de slogan dat winst werk oplevert hebben bedrijven hun winsten enorm opgevoerd, zonder dat dit ook maar enige arbeidsplaats heeft opgeleverd.
De groei van de werkgelegenheid zit in het midden- en kleinbedrijf en in herverdeling van werk.'
Het poldermodel, denkt hij, heeft zijn langste tijd gehad want de basis van dat model is dat winst werk oplevert. 'Ik vind het trouwens wat overdreven om het een model te noemen, het was meer een kwestie van een tijdelijk samenvallend belang van overheid, vakbeweging en werkgevers om de lonen te matigen. Om de winsten weer op peil te brengen, de werkloosheid aan te pakken en het financieringstekort weg te werken. Maar de winsten zijn inmiddels niet alleen hersteld maar zelfs excessief en ziekmakend geworden, het overheidstekort is geen zorg meer en zelfs de werkloosheid wordt als minder dwingend ervaren.'

NAAST ZIJN directeurschap is Van Dinten hoogleraar bedrijfskunde in Rotterdam, waar hij college geeft over methoden van organiseren. 'Hoe een bedrijf zich organiseert wordt steeds meer ingegeven door wat fiscaal voordelig is, in plaats van wat het beste past bij het doel van de organisatie en bij de mensen die er werken. Bijna alles in het bedrijfsleven is NV of BV geworden, tot aan de melkboer toe. Ook de studies bedrijfskunde en bestuurskunde zijn langzamerhand doortrokken van maar één idee: efficiency, winst maken.'
Net als in het bedrijfsleven verdringt ook in de politiek de methode steeds meer de idee. 'Dit is de eeuw van het pragmatisme, en dat heeft ook de politiek aangeraakt. De no-nonsense-kabinetten van Lubbers waren daar een exponent van, en Paars is nog sterker op die weg voortgegaan. Het centraal stellen van methode was de enige manier waarop de ideologische tegenpolen VVD en PvdA konden samenwerken, en die samenwerking was tevens de logische uitkomst van een eeuw waarin de methode steeds meer centraal kwam te staan. Methode is prettig omdat je geen ruzie krijgt, maar het is dodelijk voor het politiek-intellectuele klimaat.'
De politiek ondergraaft zo haar eigen bestaansrecht. 'De manager zegt dan tegen de politicus: ga maar een stapje opzij, want ik doe het wel, ik doe het efficiënter dan jij en efficiency is toch wat je nastreefde? Het enige wat politici dan nog rest is om steeds meer op die managers te gaan lijken. Blair, Clinton, Schröder en Kok doen mij in veel opzichten aan ondernemers denken, of aan leden van een raad van bestuur.
In bijvoorbeeld de aanpak van minister Melkert is zelfs armoede een institutioneel probleem - maatschappelijke oriëntatie doet er dan niet meer toe. Je moet gewoon even organiseren dat de mensen die voor huursubsidie in aanmerking komen, die huursubsidie ook werkelijk krijgen, en klaar ben je.'
De verkiezingsuitslag bewijst volgens hem dat mensen dat pragmatische managersdenken steeds minder appreciëren. 'De exponent van dat pragmatische denken is D66. Die is daarvoor gestraft. Uit de winst voor VVD, PvdA, en de partijen links van de PvdA blijkt dat mensen oriëntatie belangrijk vinden. D66 zal onder ogen moeten zien dat de trend waarop ze gebaseerd is, het utilistisch liberalisme gekoppeld aan pragmatisme, over zijn hoogtepunt heen is.
Ook de christen-democraten zijn opgeslokt door het methodische denken. In het CDA-programma zat veel oriëntatie, maar als CDA-voorzitter Helgers roept dat de partij het gezin zó belangrijk vindt dat ze er wel twee miljard gulden voor overheeft, is dat weer typisch dat denken in methodieken.'

HET IS ALLEMAAL de schuld van 'meneer Koos', zegt Van Dinten. De Amerikaanse econoom Coase kwam eind jaren dertig met de idee dat een organisatie slechts blijft bestaan als ze ook binnen de organisatie als een markt werkt. Hij kreeg er de Nobelprijs voor.
Van Dinten: 'In Coase' optiek kun je niet alleen onderdelen van bedrijven of instellingen, maar ook talenten van mensen naar believen kopen en verkopen.
Topmanagers en profvoetballers nemen het denken in winstmaximalisatie over en zeggen: het bedrijf verdient zo veel aan mij, dat wil ik uitbetaald krijgen.
Organisaties zullen kapot gaan doordat mensen vertrekken om elders meer te verdienen. En dat, zo geloof ik stellig, is het begin van herstel. Want organisaties zullen gaan inzien dat ze weer echt in mensen moeten investeren.'
Dat geld steeds meer het leidende principe wordt, komt ook doordat alle andere waarden en keuzen zo verrekte ingewikkeld zijn geworden. 'Mensen kunnen moeilijk omgaan met singulariteiten, met dilemma's. Het milieu gaat je aan het hart, maar ook die hardwerkende boer. Wat te kiezen? Uit angst voor een werkelijke keuze wordt geld al gauw het nieuwe adagium.'

BEDRIJVEN MAKEN zich inmiddels ook bezorgd over de enorme optiewinsten.
'Nou, ze vinden de publiciteit niet prettig, maar dat is wat anders. Ze zijn bang dat het bedrijf schade oploopt door die publiciteit. Die topmanagers vinden die miljoenen nog steeds heel prettig, hoor. Opties passen in de Angelsaksische NV-vorm die steeds meer naar Nederland overwaait en waarin veel elementen zitten die onze samenleving er bepaald niet mooier op maken.'
Het idee om managers opties te geven komt voort uit de redenering dat optiewinsten een afspiegeling zijn van wat de topmanagers voor het bedrijf betekenen. Maar, zegt Van Dinten, de beurskoers zegt steeds minder over de waarde van een bedrijf. 'Grote ondernemingen beschikken over zo veel geld dat ze hun eigen aandelen opkopen, waardoor ze in hoge mate hun eigen koers kunnen beïnvloeden - en er is geen wet die dat verbiedt. Toen de Dow Jones beneden de zevenduizend punten kwam vorig jaar, heeft IBM voor drie miljard dollar aan eigen aandelen gekocht. De Dow Jones ging toen in één keer met vijfhonderd punten omhoog. Voeg daar de optieregelingen bij en je ziet dat een kleine elite een bedrijf helemaal voor eigen doelen kan gebruiken.
Kritiek op optiewinsten wordt vaak afgedaan als jaloeziepolitiek: waarom zou je het die mensen niet gunnen? Maar het gaat niet om gunnen, het gaat om rechtvaardigheid. En rechtvaardigheid is - zeg ik ook tegen Bolkestein - een van de belangrijkste grondslagen van het utilitair liberalisme. Bovendien ga ik er nog altijd van uit dat leidinggevenden een symboolfunctie hebben. Ik ben bang dat optiewinsten de basis voor loonmatiging onderuit halen.'
Bij de Rabobank krijgen managers in plaats van opties drie maanden extra verlof per vijf jaar.
'Ik ben van december tot april met verlof geweest. Ik heb genoten, ik heb die vier maanden gebruikt om een boek te schrijven. Een collega maakt een rondreis door Zuid-Amerika. Je krijgt een fantastisch overzicht over je leven, over je werk, raakt ontspannen. Ik las dat iemand van Shell het een slechte regeling vond. Vanuit het Angelsaksische model is dat te begrijpen. Maar ik vind dat juist topmanagers de eersten zijn die moeten proberen een relatie te houden met een omgeving, met de wereld, moeten blijven nadenken over waarom ze eigenlijk doen wat ze doen.'

OOK DE RABOBANK, met aan het hoofd ex-PvdA-coryfee Wim Meijer en CDA-coryfee Herman Wijffels (binnen afzienbare tijd op te volgen door ex-Schiphol-directeur Hans Smits) dreigde de afgelopen decennia steeds meer een louter op winst gerichte organisatie te worden. De bank heeft haar honderdjarige bestaan aangegrepen om die tendens te keren door het coöperatieve karakter te versterken. Zo kan sinds kort iedere klant lid worden van de coöperatie, althans na beoordeling door de betreffende lokale bank. De leden kunnen certificaten kopen, projecten voordragen ter financiering en ze benoemen de plaatselijke bankdirecteur. Dit alles volgens de drie z's van een coöperatie: zelfhulp, zelfverantwoordelijkheid en zelfbeheer.
Van Dinten: 'U woont in Amsterdam. Als u ideeën heeft over de multiculturele samenleving en de bank kan helpen bij het verwezenlijken daarvan, denk ik dat u welkom bent. Het oorspronkelijke idee van een bank is dat ze mensen helpt bij het verwezenlijken van ambities. Er liggen in de steden, maar ook op het platteland, enorme stukken braak waarbij mensen het graag anders zouden willen.
Wij steunen bijvoorbeeld gezondheidsprojecten waarbij mensen hun eigen lot zoveel mogelijk in eigen hand nemen. Of projecten die gezondheidszorg en biologische landbouw combineren. Landbouwbedrijven waar gehandicapten werken, dat gaat fantastisch. Maar het kan ook zijn dat de leden een extra gelduitgifteautomaat willen, of niet willen dat een kantoor sluit. Ze kunnen daarover meedenken, al moeten ze vanzelfsprekend wel letten op de kosten.
Waar het om gaat is dat we het lokale weer betekenis geven.'
De Rabobank is ook de belangrijkste financier van de bio-industrie.
'Je kunt niet plotseling alle traditionele landbouw laten vallen. Dat zou onverstandig zijn, en unfair tegenover die mensen. Maar we proberen wel nieuwe inzichten op het gebied van duurzaamheid te honoreren en initiatieven op dat gebied serieus te nemen.' Nee, hij wil niet Roomser doen dan de paus. 'Het verhaal dat ik nu vertel gaat over de lokale vestigingen, maar daarnaast hebben we een internationale poot en allerlei dochters die soms ook op Angelsaksische leest geschoeid zijn.'

'HET HAARVATENSTELSEL', noemt Van Dinten het, al die relaties tussen mensen die ervoor zorgen dat de samenleving draait en die bovendien mensen hun geluk verschaffen. Hij is een aanhanger van Durkheim, die er van uit gaat dat mensen hun geluk ontlenen aan wat ze betekenen voor anderen. Dat haarvatenstelsel staat volgens hem ernstig onder druk, doordat zowel de markt als de overheid overal doorheen denderen. 'Sociale verbanden worden vervangen door contracten. Waarbij alles is toegestaan wat niet verboden is en rechter en justitie steeds moeten optreden om de boel in het gareel te houden.'
De politiek, maar ook het bedrijfsleven moet zich eens fors bezinnen op wat echt van belang is voor een samenleving, vindt hij. En vervolgens zorgen dat het vele geld dat er op het moment is, daarvoor wordt gebruikt. 'Duurzaamheid, infrastructuur, herverdeling van inkomen, de zorgsector, dat is waar we in moeten investeren. En een groot programma voor het onderwijs. Onderwijs is afgegleden tot een middel voor werkgelegenheid in plaats van een ruimte waarin mensen de kans krijgen zichzelf te ontwikkelen. Het gaat niet alleen om geld, maar om een heel andere instelling. Waarbij bijvoorbeeld het haarvatenstelsel tussen leraar en leerlingen weer in ere wordt hersteld. Ook in het onderwijs heeft het rigide economische denken van Coase de afgelopen vijftien jaar ontzaglijk veel kapot gemaakt.'
Hij pleit voor eerherstel van openeindregelingen in het onderwijs en de gezondheidszorg. 'Op beheerste wijze, dat wel. Maar als het om onderwijs en gezondheidszorg gaat moeten we, zeker nu er geld genoeg is, groei niet zien als fout, maar als een uiting van een maatschappelijke wens. Tegelijkertijd is er een discussie gewenst over de aard van de groei, over de verdeling van de gelden binnen die sectoren, over de high-tech in de gezondheidszorg bijvoorbeeld. Maar dat is wat anders dan sturen op basis van budgetten.'
Voelt u zich een roepende in de woestijn?
'Nee hoor, binnen de Rabobank zeker niet. Veel mensen zullen het weliswaar wat anders formuleren, maar het idee dat organiseren meer is dan alleen geld verdienen, wordt volgens mij door het overgrote deel van de bevolking gedeeld. Ik had vorige week het college van toezicht van mijn leerstoel en opperde daar dat er te veel Coase in de bedrijfskunde zit. Aan het eind van het debat leek ik velen daarvan enigzins te hebben overtuigd.'



















De Bewustzijnsfabriek is a registered trademark
Copyright De Bewustzijnsfabriek -Alle rechten voorbehouden- voorwaarden
wpddd1efa0.jpg