Paul Chauvigny de Blot (83) is hoogleraar Business Spiritualiteit aan de Nyenrode Business Universiteit. Daarnaast is hij onder meer natuurkundige, theoloof, filosoof, priester en pater jezuïet. Bovendien deed hij de toneelacademie en treedt op als clown. “Daarvoor hoef je niets te leren, je moet alleen alles terughalen wat je hebt afgeleerd.”
Waar geloof je in? "Dat het bedrijfsleven menselijker kan worden en dat spiritualiteit daarbij belangrijk is. Veel ondernemers hebben daar geen tijd voor. Er moet gewerkt worden, zeggen ze, winst worden gemaakt. Maar het gaat uiteindelijk om het welzijn, niet alleen voor de werknemers maar voor alle mensen. Winst is alleen maar een middel om dat welzijn te bereiken. Kijk, ik leg het je uit: in bedrijfsvoering heb je het niveau van het doen, waar deskundigheid belangrijk is, en het niveau van het zijn, waar het om bezieling en idealen gaat. Die twee hangen samen als yin en yang. Ben je alleen deskundig en niet bezield, dan raak je opgebrand; met te veel bezieling word je zweverig. Maar ondernemen kun je niet alleen, je moet ook samenwerken. Die drie aspecten samen, dat is spiritualiteit. Wist je dat van de bedrijven die failliet gaan dat in tien procent van de gevallen komt door gebrek aan deskundigheid, in dertig procent door gebrek aan samenwerking en in zestig procent door gebrek aan visie en bezieling? Ik geloof echt dat het bedrijfsleven menselijker kan worden. Ook al zijn ondernemers keihard, het zijn geen beesten. En als je ze aanspreekt en behandelt als mensen, gaan ze zich menselijker gedragen."
Waar komt dat vertrouwen vandaan? "Ik heb in Indonesië vijf jaar in een concentratiekamp gezeten. Daar zag ik sterke mannen het eerst doodgaan. Ik heb het overleefd. Waarom? Ik had vrienden en daarom was ik weerbaar. En ik had verantwoordelijkheid. Samen met een arts en een jurist hielp ik de zieken en dat verrijkte mij enorm. Als ik een stervende de ogen sloot, kon zo'n laatste blik mij sterk maken. Je ziet dat ook bij verpleegkundigen. Zij verzorgen zieken en geven hun geborgenheid. Daardoor genezen patiënten en hun dankbaarheid verrijkt de verpleegkundige. En hoe zwaar het werk ook is, ze raken niet vermoeid. Maar als de baas zegt: het wordt te duur, dus geef alleen nog medische zorg, doe verder geen andere dingen en voer geen gesprekken, dan gaan de patiënten klagen en zoeken de verpleegkundigen een andere baan. Als je geen verantwoordelijkheid meer hebt, verkommer je. De derde reden dat ik niet dood ging in het kamp was openheid en bezieling. Door met ons drieën samen te werken, leerden we van elkaar, stonden open voor elkaar en inspireerden elkaar. Zo heb ik het overleefd en zo kunnen bedrijven overleven. Dat heb ik geleerd in het kamp en daarom geloof ik erin.
Waarom bent u priester en jezuïet geworden? "Geloof speelde thuis geen grote rol. Mijn moeder was protestant en mijn vader was katholiek. Ik ben toevallig katholiek gedoopt omdat de pastoor eerder langs kwam dan de dominee. Na het kamp had ik trouwplannen. Maar toen ik foto's zag van Hiroshima wilde ik per se daar gaan werken en dat kon alleen als ik jezuïet werd. Vroeger gaf ik mooie vrome antwoorden als iemand vroeg waarom ik priester was. Nu weet ik dat het is om meer mens te worden. De spiritualiteit van de jezuïeten houdt in: mens zijn voor anderen en met anderen. Wij hebben geen koorgebed, want de dienst aan de mensen is ons koorgebed, en we helpen anderen in hun verlangen om meer mens te worden. Datzelfde doe ik nu ook bij ondernemers."
Begrijpen uw studenten dat? "Als Nyenrodestudenten naar het buitenland gaan om stage te lopen, zeg ik altijd: eerbiedig de andere cultuur, het zijn geen barbaren. Ik adviseer om te kijken en te luisteren voor ze met ondernemers gaan praten. Ga aan de kant van de weg staan, kijk hoe ze een huis bouwen, hoe ze handelen op de markt, en probeer daaruit hun managementprincipes te ontdekken. Dat doen ze, en het werkt. Ja, ik ben hoopvol, anders had ik deze leerstoel niet aangenomen. lk ben de eerste hoogleraar in dit vak en het is nog zoeken, maar ik wil bereiken dat het met de ontmenselijking in het bedrijfsleven niet nog erger wordt. Dat kan en dat wil ik uitstralen en vertellen. Mijn studenten worden echt menselijkere managers, dat zie ik al aan hun scripties."
Houdt u van mensen? "Ja,heel veel. liefde is de allerbelangrijkste waarde, tussen mensen maar ook in organisaties. Het is een kernwaarde. Ik houd van mensen maar vooral: veel van kinderen. In de woelige tijd van de revolutie heb ik nogal wat kinderen het leven gered en opgevangen. Nee, ik heb geen spijt dat ik niet zelf getrouwd ben en geen kinderen heb. Dan had ik dit allemaal nooit kunnen doen. Dit was mijn ideaal, dit is mijn bestemming."
Bent u meer een mens van het hoofd of van het hart? "Van allebei, die twee moeten elkaar juist inspireren. Ik studeer nog steeds, dus ik ben heel rationeel. Maar ik treed ook op als clown als tegenwicht in eer cultuur van verboden en depressies. En ik heb vliegles. Ik ben te oud voor een brevet, maar ik mag vliegen en ben verliefd op dat zweven Weetje waarom? In het concentratiekamp had ik een klinisch doodervaring. Toen ik een jaar in een geblindeerde dodencel zat, ben ik gestorven en zweefde weg door de lucht. Dat was een gelukkig ervaring. Maar ik werd wakker in het lijkenhuisje, gewikkeld in witte doeken een uur voor de begrafenis. Dat wakker worden was niet prettig, ik was liever blijven zweven. Ja, ik heb moeilijke tijden meegemaakt Toch ben ik een gelukkig mens, daar zorg ik voor, dat is mijn kracht."
Uit: Happinez, nummer 3, 2007
Andere artikelen Paul de Blot:
Bekijk een interview:
http://player.omroep.nl/embed/aflevering/6405125" target="_blank"><img border="0" src="http://u.omroep.nl/b/embed/aflevering/06/405/6405125.png" /></a>
De Bewustzijnsfabriek is a registered trademark
Copyright De Bewustzijnsfabriek -Alle rechten voorbehouden- voorwaarden